Informatie

1.     verbinding intern en extern en het reframed problem:

 

5.1 Inleiding:

Na de interne en externe analyses heb ik een duidelijk beeld gekregen van de huidige situatie rondom (pupillen) Futsal bij de KNVB. In deze stap verbind ik de sterkten en zwakten van de organisatie met de kansen en bedreigingen uit de omgeving. Op basis van deze informatie formuleer ik het reframed problem – een concreet en oplosbaar vraagstuk waarmee de KNVB haar doelen, op Futsal gebied, verder kan versterken.

 

5.2 Swot:

Uit eerder onderzoek ben ik tot een aantal kansen en bedreigingen gekomen. Uit al deze inzichten is het volgende swot gekomen:

Sterkten:

  • Groot bereik: De KNVB heeft een groot bereik aan verenigingen trainers, spelers die ze kunnen bereiken.
  • Futsal verbetert techniek en spelkwaliteit: hierdoor dwingt Futsal spelers om sneller te handelen. Dit verhoogt de balcontrole, het spelinzicht en de creativiteit.
  • Veel belangstelling voor Futsal: De vraag naar Futsal is de afgelopen gegroeid en blijft groeien. Leden willen meer variatie in het seizoen en zien Futsal als een leuke en toegankelijke aanvulling op veldvoetbal.
  • Sterk netwerk: De KNVB werkt samen met verenigingen, gemeenten, sporthallen en andere partners.
  • Sterke merknaam KNVB: De KNVB heeft een grote en betrouwbare naam als grootste sportbond van het jaar. Verenigingen vertrouwen op de diensten van de KNVB.

Zwakten:

  • Communicatie naar verenigingen: Niet elke vereniging ontvangt of leest de informatie. Hierdoor is het aanbod niet bekend bij ze.
  • Verenigingen bieden geen Futsal aan voor leden: Veel clubs hebben nog geen trainers, materialen of zaalruimte. Hierdoor blijft het aanbod beperkt.
  • Futsal heeft minder prioriteit dan veldvoetbal: Clubs kiezen vaak eerst voor veldvoetbal. De vrijwilligers die de club tot hun beschikking heeft hebben focus dus op veldvoetbal.
  • Verenigingen zijn niet op de hoogte van mogelijkheden Pupillen Futsal: Veel clubs kennen de voordelen en het aanbod van Pupillen Futsal nog niet. Hierdoor nemen zij minder snel deel aan pilots of competities.
  • Afhankelijk van gemeenten en sporthallen: De KNVB is afhankelijk van de gemeenten en sporthallen om Futsal aan te bieden.

Kansen:

  • Veel belangstelling voor Futsal: Veel jeugdspelers willen Futsal spelen, vinden het leuk om te spelen en ook is het aantal de afgelopen jaren al flink gegroeid waar de KNVB op kan doorpakken
  • Positieve bijdrage op veldvoetbal: Futsal verbetert techniek en spelintelligentie. Dit versterkt het niveau van het veldvoetbal bij verenigingen.
  • Tijdens de winterstop ook nog kunnen blijven voetballen: Futsal biedt de mogelijkheid om in de winterstop ook nog te voetballen. Dit houdt leden actief en betrokken.
  • Succesvolle eerdere pilots: Eerdere pilots laten hoge tevredenheid zien. Dit biedt vertrouwen voor verdere uitbreiding.
  • Digitalisering: Digitale tools kunnen het plannen van wedstrijden, communicatie en inschrijvingen eenvoudiger maken ook kan de doelgroep makkelijk bereikt worden door deze communicatie op de juiste middelen in te zetten.

Bedreigingen:

  • Beperkte zaalcapaciteit: Sporthallen zijn schaars. Dit maakt het niet altijd mogelijk een zaal te kunnen huren ondanks er Futsal gespeeld wilt worden.
  • Te weinig mankracht om Futsal te organiseren: Verenigingen hebben soms te weinig vrijwilligers of trainers. Hierdoor kunnen ze het niet altijd mogelijk maken om het te organiseren voor de vereniging.
  • Concurrentie van andere indoorsporten: Basketbal, handbal en volleybal hebben dezelfde zaalruimte nodig. Zij doen dit al meerdere jaren dus krijgen soms ook voorrang bij sporthallen.
  • Stijgende kosten: Kosten voor zaalhuur en personeel blijven stijgen. Dit is moeilijk te dekken aangezien er een beperkt budget beschikbaar is voor Futsal vanuit de KNVB. Hierdoor wordt er ook steeds meer kosten aan de verenigingen gerekend waardoor zij uiteindelijk kunnen afhaken.
  • Veldvoetbal: Veldvoetbal blijft de dominante sport binnen verenigingen. Hierdoor krijgt Futsal minder aandacht en middelen.

 

 

 

5.3 Confrontatiematrix

 

Hieronder ziet u de confrontatiematrix. Hier zijn de sterktes en zwaktes tegenover de kansen en bedreigingen van de organisatie gezet. Daarbij is gekeken of het een mogelijk verband met elkaar heeft. Hieruit zijn de volgende dingen opgevallen:

 

  • Sterkten en kansen hebben een duidelijk positief verband met elkaar.
  • Zwaktes en kansen hebben een negatief maar ook positief verband met elkaar. Met de juiste aanpak zijn de zwakten aan te pakken.
  • De bedreigingen hebben vaker een negatief dan positief verband met de sterktes en zwaktes of helemaal geen verband.

5.3.1 Verbinding tussen intern en extern:

 

Uit het interne onderzoek blijkt dat de KNVB een sterke organisatie is met een groot bereik, een sterk merk en een netwerk van duizenden verenigingen. Er zijn duidelijke doelen en een positieve visie op de toekomst van Futsal. Tegelijkertijd komt uit de externe analyse naar voren dat er een groeiende belangstelling is bij pupillen om Futsal te spelen, maar dat dit enthousiasme niet altijd wordt omgezet in deelname bij verenigingen.

De grootste uitdaging zit in de communicatie tussen de KNVB en de verenigingen. De bond heeft meerdere kanalen (nieuwsbrieven, apps, serviceregisseurs), maar deze worden niet altijd efficiënt of doelgroepgericht gebruikt. Hierdoor komt informatie over Futsal soms niet terecht bij de juiste persoon binnen de club, denk aan jeugdcoördinatoren of vrijwilligers en blijven kansen onbenut. Zo zijn wij intern nog bezig geweest verenigingen te bellen over het aanbod van de pupillen futsal pilot, ondanks hier ook al een mail over is gestuurd. Verenigingen gaven aan deze mail niet gezien te hebben waardoor ze dus niet op de hoogte waren van ons aanbod. Na verschillende belrondes hebben we gezien dat de aanmeldingen flink zijn gestegen. Dit laat nogmaals zien dat de interesse er is, maar het aanbod niet bij iedereen bekend is.

Daarnaast speelt het vrijwilligerstekort bij veel clubs een belangrijke rol. Clubs geven aan dat ze Futsal vaak zien als extra werk, terwijl het eigenlijk bedoeld is als aanvulling op het bestaande voetbalprogramma. Deze bedreiging is een belangrijke factor om rekening mee te houden. Ook dit kwam weer veel terug in het interne onderzoek tijdens de belrondes met verenigingen.

Vanuit de externe omgeving liggen er juist veel kansen. Jongeren zijn op zoek naar snelle, speelse sportvormen zoals Futsal. Ook gemeenten en scholen staan open voor sportprojecten die bijdragen aan jeugdparticipatie. Bovendien kan digitalisering de KNVB helpen om gerichter te communiceren via apps en sociale media.

 

5.4 Conclusie analyse:

De kern van het probleem ligt dus niet in een gebrek aan belangstelling voor Futsal, maar in de manier waarop de informatie en ondersteuning bij de verenigingen terechtkomt. Veel verenigingen zijn niet op de hoogte van het huidige aanbod terwijl de KNVB beschikt over alle middelen om Futsal verder te laten groeien, maar de huidige communicatie is nog niet goed genoeg en niet altijd afgestemd op de specifieke behoeften van verenigingen. Hierdoor ontstaat er een kloof tussen de enthousiaste doelgroep (jeugdspelers) en het daadwerkelijke aanbod.

 

5.5 Reframed problem:

Uit de onderzoeken uit eerdere stappen ben ik tot het volgende reframed problem gekomen: ‘’De KNVB bereikt verenigingen onvoldoende met informatie en ondersteuning om Pupillen Futsal te organiseren.’’

Ik heb voor dit Reframed problem gekozen omdat uit het externe onderzoek blijkt dat de KNVB-verenigingen niet goed genoeg bereikt met de huidige communicatie over het aanbod van Pupillen Futsal. Dit zorgt ervoor dat verenigingen niet op de hoogte zijn van het huidige aanbod. Tegelijkertijd laat het onderzoek zien dat verenigingen te weinig vrijwilligers hebben om nieuwe activiteiten te organiseren, of de focus leggen op veldvoetbal. Zij zien Futsal daardoor als extra belasting terwijl de interesse onder jeugdspelers juist groot is. De combinatie van gebrekkige communicatie en het vrijwilligerstekort zorgt ervoor dat clubs niet starten met Pupillen Futsal, ook al is de belangstelling daar.

 

5.6 Draagvlak creëren:

 

‘’Volgens mij sla je hiermee wel de spijker op de kop. We zien daarnaast ook veel (zie Xerexes) dat de contactpersoon binnen de club vaak ook niet juist het werk dan uitvoert. Ik denk wel dat jouw probleemstelling sterk is geformuleerd en ook echt het probleem is waar wij tegen aan lopen.’’ (Bijlage 42) (bijlage 42.1)